Op Prinsjesdag 2024 werd een btw-verhoging voor de culturele sector aangekondigd, waarbij het tarief per 2026 zou stijgen van 9% naar 21%, met uitzondering van bioscopen. Dit zou culturele instellingen dwingen hun ticketprijzen met 12% te verhogen. De culturele sector protesteerde fel tegen de plannen. Dankzij intensieve lobby-inspanningen werd het voorstel op 14 november ingetrokken, maar onzekerheid blijft bestaan over mogelijke alternatieven.
Economen waarschuwden voor een fors inkomensverlies. Door hogere prijzen zouden musea naar verwachting 2,3 miljoen bezoekers minder trekken, festivals 1,5 miljoen en theaters 900.000. Ook subsidies dreigden af te nemen door een verlaging van het Gemeentefonds, wat een geschatte inkomstenderving van 350 miljoen euro zou opleveren.
Voordat het btw-voorstel werd ingetrokken, sprak Cultuurmarketing met zeven culturele marketeers. Zij vrezen vooral dat hogere ticketprijzen cultuur minder toegankelijk maken. Groepen met een laag inkomen zouden minder vaak kunnen deelnemen aan culturele activiteiten.
Een marketeer legt uit: “Sommige theaters sluiten het balkon voor kaartverkoop, zodat eerst de duurdere stoelen verkocht worden.” Dit beperkt betaalbare opties en vergroot de kloof in toegankelijkheid.
Ook marketinginspanningen zijn vaak al gericht op welvarendere doelgroepen. Een marketeer bij een orkest merkt op: “Ik zie soms mensen voor de deur staan en weer omdraaien omdat ze denken: dit is niets voor mij.” Gratis of afgeprijsde programma’s aanbieden blijft lastig met stijgende kosten.
Naast ticketprijzen maken marketeers zich zorgen over de impact van subsidiekrimp. Een kleiner budget betekent minder programma’s en de mogelijke stopzetting van kleinschalige, inclusieve initiatieven.
Een marketeer vreest: “Hoe overtuig je mensen om naar (lokale) talenten te komen, die nu al moeilijk te verkopen zijn?” Stijgende prijzen maken deze programma’s extra kwetsbaar, waardoor het culturele aanbod verschraalt.
Marketeers benadrukken het belang van een dubbele focus: financiële stabiliteit én inclusie. In plaats van zich uitsluitend te richten op 'vijftigers met tijd en geld', pleiten zij voor meer aandacht voor diverse doelgroepen.
Culturele organisaties moeten blijven pleiten voor ondersteunend beleid. Overheidssteun blijft essentieel om een levendig en inclusief cultureel landschap te behouden.
Het volledige artikel van Cultuurmarketing lees je hier.